Eilandgevoel

Ik schreef eerder al over het zalige nietsdoen. Is me de afgelopen weken, misschien zelfs wel maanden, totaal niet gelukt. Tot gisteravond.

We zitten op een eiland en dat is altijd een goed gevoel. We hebben een heerlijk huisje, guur weer, een bad en een open haard. De late namiddag lopen we op het strand, genietend van de zee, de lucht en de wind. Indy huppelt ver vooruit, zoekend naar haar frisbee. Terug in het huisje warmen we lekker op, het vuur aan en de verwarming hoog.

Ruth frummelt aan het krakkemikkige radiootje, waar geen geluid uit komt. Ik zet de tv aan, hopend dat we op die manier naar een muziekzender kunnen luisteren. Via youtube komen we op allerlei verschillende muziekvideo’s terecht. We ontdekken de NPR tiny desk concerts (tip!) en de avond is gevuld. Fijne muziek, fijne gesprekken en het heerlijke gevoel van totale ontspanning. Niets meer hoeven, niets meer moeten, zalig nietsdoen.

Ik ga dat eilandgevoel vasthouden en ook thuis zalig nietsdoen. Hopelijk, want in ons nieuwe huis wachten nog honderd en een klusjes. Maar dan juist! Want in alle drukte, moetjes, taakjes en klusjes, is ontspannen zo belangrijk.

Pestkoppen in mijn kelder

Soms vraag je je af waarom je iets niet eerder hebt gedaan. Vorige week was ik in de kelder om op te ruimen. Ik had mijn herinneringskist in handen en besloot te bekijken wat ik allemaal had bewaard. Poëziealbums, mijn eerste schoentjes, een knuffel en foto’s. Tussen dat stapeltje foto’s lagen ze. De schoolfoto’s van de middelbare school. Ik bekeek ze en gooide ze bij het oud papier.

Het tweede en derde jaar van de middelbare school waren voor mij verschrikkelijk. Ik vond geen aansluiting bij mijn klasgenoten en voelde me er niet tussen passen. Twee jaar lang werd ik buitengesloten, belachelijk gemaakt, genegeerd, uitgelachen en vernederd. Ik heb nooit begrepen waarom. Waarom ik? Wat deed ik verkeerd?

Een paar jaar geleden herinnerde ik mij opeens waar het allemaal startte. Dat heb ik nooit eerder zo helder gezien. Als ik er aan terug denk, zie ik het voor me. Dat moment was allesbepalend. Ik had daar zeker mijn eigen aandeel in. Het had een ruzie moeten zijn, niet iets waarvoor ik twee jaar het mikpunt van de klas werd.

Van buiten liet ik het van me afglijden. Deed ik alsof het me niets interesseerde. Van binnen werd ik vermorzeld.

Deze kinderen bewaarde ik in mijn herinneringsdoos. Omdat ik ergens de overtuiging heb meegekregen dat je foto’s niet weggooit. Dat je herinneringen koestert en bewaart. Deze foto’s heb ik meegenomen naar mijn eerste huis, weer terug naar mijn ouders, meeverhuisd naar een ander huis en heb ik nu, ruim 20 jaar later nog steeds. Foto’s van mijn pestkoppen. In mijn kelder.

Ik besloot om mijn eigen regels te maken, mijn eigen overtuigingen te volgen. Ik heb ze weggegooid. Ze verdienen geen plekje in mijn herinneringenkist. Die is voor fijne herinneringen, jeugdsentiment, liefdesbrieven en foto’s van mensen waar ik om geef.

Aan mijn jonge, onzekere puber-ik wil ik zeggen dat het allemaal goed komt. Dat ik sterk ben en zacht. Liefdevol en behulpzaam. Nog altijd een beetje anders, maar dat ik dat omarm, juist het leukste vind aan mezelf. Dat ik me omring met mensen die me waarderen om wie ik ben. Dat ik veel te geven en te bieden heb. Dat die periode mij nog kan raken, als ik terug denk aan welke patronen dat heeft ingesleten. Maar dat ik stappen maak, mij ontwikkel en moeilijke dingen doe. Dat ik zelfs medeleven heb voor de jonge, onzekere pubers die mij hebben gepest. Zij hebben ook hun eigen verhaal, hun eigen redenen. Ik hoop dat het ze goed gaat en dat ze hun kinderen beter leren doen.

Lief Limburg – rampgebied

Als het water tot aan je enkels, je knieën,

maar eigenlijk tot aan je lippen staat

Als het gewoon echt even niet meer gaat

Als met elke emmer die je schept

de moed je verder in de schoenen zinkt

Je in zorgen voor de toekomst verdrinkt

Als je bent aan het einde van je krachten

Lief Limburg, je bent in mijn gedachten

– schrijver onbekend

Waar ik hoog en droog zit, zie ik om mij heen het onvoorstelbare gebeuren. Op een paar kilometer van mij vandaan overstromen straten, kolken rivieren en vluchten mensen uit hun huis. Of blijven ze juist, om het water te weren, spullen veilig te stellen en te zien hoe hun thuis onderloopt. Hoe spullen nat worden, de tuin onderloopt en de oprit wegspoelt.

Mijn Limburg als rampgebied, waar ik woon, werk en liefheb.

Mijn hart gaat uit naar iedereen die het water tot aan de lippen heeft staan <3

Hoe ik mijn week plan..

Eigenlijk helemaal niet. Ik doe maar wat. Ik weet wanneer ik moet werken en plan het sporten van te voren in (omdat je moet reserveren via een app), maar verder laat ik alles maar gebeuren. Dat zorgt voor lekker veel vrijheid en spontante dingen, daar hou ik van. Het zorgt soms ook voor stress.. dan wil ik bijvoorbeeld nog een blog typen en doe ik dat -weer- op het laatste moment. Of dan kijk ik de hele week niet naar mijn to-do-lijstje en blijf ik sommige dingen eeuwenlang voor me uitschuiven.

Een paar weken geleden nam ik me voor om mijn uitstelgedrag weer aan te pakken (hier te lezen) en ging het een tijdje beter. Toen bedacht ik ook nog om de 1-minuut-regel toe te passen (daarover lees je hier) en alles liep op rolletjes.

Totdat het leven gebeurde en ik terugviel in mijn oude vertrouwde gedrag. The LA Minimalist, die ik graag op Instagram volg, zegt dat je je systeem moet veranderen als het niet voor je werkt. Dus dat heb ik gedaan. Want het systeem wat ik nu heb (of eigenlijk niet heb) werkt niet. Alleen is het soms wat lastig om te ontdekken wat wél voor je werkt.

Mijn systeem veranderen heb ik al vaker geprobeerd. Maar oude gewoontes zijn moeilijk los te laten. Je begint enthousiast en gemotiveerd, maar daar komt gauw de klad in. Bij mij gebeurt dat vooral als ik voel dat het niet bij me past of niet voor me werkt.

Zo had ik het systeem uit ‘Een einde aan uitstelgedrag’ van Petr Ludwig geprobeerd. Een heel fijn systeem, maar het past niet bij hoe ik mijn leven leef. Ik heb niet iedere dag heel veel to do’s die ik moet uitvoeren of delegeren. Dus ik besloot het anders aan te pakken. Petr werkt met een to do today, to do all en ideeënlijst. Op je to do all schrijf je alles wat je moet doen, alles! Op je to do today schrijf je de dingen die vandaag moeten. Je ideeënlijst is voor ideeën die niet op je to do thuishoren, maar die je toch ergens genoteerd wilt hebben.

Op mijn to do all staat bijvoorbeeld een fotoboek maken (van mijn reis van 4 jaar geleden, hallo uitstelgedrag). Dingen die ik ooit nog wil doen en die ik ergens moet gaan inplannen, wil ik er werkelijk aan beginnen. Mijn to do today heb ik omgedoopt tot een to do in mijn weekplanner. Ik heb een eenvoudige weekplanner gekocht, waarin een overzicht van de week staat, een to do lijst, ruimte voor krabbels en een leeg hokje die je naar behoefte kunt invullen. Zo doe ik toch de to do’tjes, maar dan verspreid over de week.

Hoe ik mijn week nu plan..

Ik vul in mijn weekoverzicht in wanneer ik moet werken en welke afspraken ik al op heb staan. Daarna ga ik het sporten inplannen. Ruth en ik proberen altijd een dag in de week samen te plannen, waarin we gaan sporten en daarna lekker lang naar de sauna gaan. Als dat gepland is, kijk ik waar ik tijd over heb. Ik plan nooit alles vol. Ik hou veel ruimte over en alles kan nog altijd schuiven. Ik hou niet van een hele strakke planning, omdat er toch altijd iets tussenkomt of verandert.

In die vrije ruimte plan ik mijn to-do’s. Drie keer in de week bijvoorbeeld, waar ik niet echt een tijd aan vast hang, of het aantal to-do’s dat ik verwacht te doen. Daarna plan ik ontspanning in, tijd voor mezelf. Ik heb vaak genoeg tijd voor mezelf, maar door het nu bewust te plannen ga ik het meer waarderen. Ik had ooit als goed voornemen dat ik iedere week iets leuks wil doen voor mezelf. Bijvoorbeeld iets bakken, een nieuwe wandeling uitzoeken, zwemmen in natuurwater of een tijdschrift lezen. Op deze manier vliegt de week niet om, terwijl je het idee hebt alleen maar bezig te zijn geweest met werk en klusjes.

In mijn krabbelruimte zet ik dingen die ik belangrijk vind voor mezelf. Een gewoonte die ik wil trainen die week, een positieve affirmatie, iets waar ik trots op ben of dankbaar voor.

Het past bij mij, gestructureerd maar met voldoende vrijheid om te schuiven, het anders te doen of alles om te gooien. Overzichtelijk, zodat ik weet wat ik wil doen en dit ook daadwerkelijk doe.

Ik ben altijd heel benieuwd hoe anderen dit doen. Hoe plan jij je dag/week/maand/jaar/leven?

Verrassing

Ik hou van verrassingen. Dus als vriendinnetjelief me appt dat ik na mijn werk op een bepaalde plek moet zijn en als hint ´hot & cold’ geeft, word ik heel blij. En nieuwsgierig. Vooral nieuwsgierig.

Zodra ik in mijn auto stap, bel ik om te zeggen dat ik eraan kom. Op de parkeerplaats word ik opgewacht en samen lopen we de Brunssummerheide op. Het is inmiddels 21.30u en er is bijna niemand. Ruth verklapt nog altijd niets. We lopen een stukje en gaan vervolgens de berg op. Bovenop zie ik een kleedje liggen en een tas staan. Het uitzicht is geweldig. De zon kleurt de lucht roze en we kunnen over de hele heide uitkijken.

Als ik op het kleedje zit, tovert Ruth ijs uit de tas. IJs, waar ik al vanaf vrijdag zin in had. En thee, voor daarna (hot & cold dus). Op de heide smaakt dat ijsje 10 keer lekkerder dan wanneer je op de bank zit. We lepelen het bakje uit, vertellen over onze dag en lopen daarna nog een rondje met Indy. Vervolgens weer die berg op om een kopje thee te drinken. Het wordt al wat donkerder en ook een beetje frisser. We kruipen lekker dicht tegen elkaar aan en genieten.

Ik hou van dit soort momenten. Het hoeft niet groot te zijn, maar het was wel speciaal.

Een tijdje terug schreef ik over ‘een week genieten‘ & ‘een week genieten – deel 2‘. Waarin ik probeerde te letten op de kleine genietmomentjes. Nu probeer ik er niet alleen op te letten, maar ze ook heel bewust in te plannen (al gebeurt het leven natuurlijk ook gewoon buiten je planning). Omdat het belangrijk is om fijne momentjes in te plannen. Om niet alleen maar drukdrukdruk te zijn.

Gisteravond vond ik zelfs een groot genietmoment. Vooral omdat het zo lekker onverwachts was. Als je dit nu leest wil ik je vragen om ook eens iemand te verrassen; je moeder, vriendin, man, kind, tante, opa, maakt niet uit. Hoeft niet groot te zijn, maar je tovert gegarandeerd een grote glimlach op iemands gezicht.

Wat ga jij doen?

Pluk de dag (of een bloem)

Het uitzicht bij de pluktuin van Fien Fleur is geweldig. Alle kleuren bloemen en groene velden zover je kunt kijken. Ik ging afgelopen week voor de eerste keer plukken en er staat nu een geweldige bos bloemen op mijn eetkamertafel.

Het idee is heel simpel. Je gaat naar de pluktuin, gewapend met een emmertje en een snoeischaar. Ik had mijn eigen meegenomen, maar je kunt ze ook daar lenen. Vervolgens kijk je welke bloemen je mooi vindt en mag je deze ‘plukken’. Mevrouw Fien weegt ze af, je betaalt en je hebt je eigen geplukte bosje bloemen. Veel leuker dan een bosje van de supermarkt meenemen of van de bloemist.

De pluktuin ligt in Eyserheide, alleen al de weg ernaar toe is de moeite waard. Ik wilde eerst op de fiets gaan, maar het was een beetje regenachtig weer én het is een uur heen en een uur terug fietsen, dus besloot toch maar de auto te pakken. Zodra je achter Heerlen richting de dorpen gaat, zie je mooie velden, heuvels en bos. Als je komt aanrijden bij de pluktuin, zie je de bloemen al staan.

Met mijn emmertje loop ik richting het terras. Ik meld me binnen, maar dat blijkt niet nodig te zijn. Ik mag meteen de tuin in gaan en plukken wat ik wil. Ik zie hele bijzondere bloemen en loop eerst een rondje. Dan besluit ik dat ik voor groen ga. Er zijn stevige stengels met bolletjes erop. Ik besluit deze af te knippen. Daarna zie ik mooie knoppen met witte bloemetjes, groene pluizige stengels en zachte bruine hoedjes. Ik zie bloemen die ik nooit eerder zag.

Als ik langs de paarse bloemenzee loop, valt mijn oog op een stekelige stengel die er niet bij hoort. Hij heeft doorns, wat het een beetje lastig maakt om te plukken. Ik vind ´n plekje dat glad is en probeer ´m hier vast te houden. Als ik later bij Fien mijn bloemen laat wegen, vertelt ze over de bloem, de Kaardebol. Langs de stekels kunnen insecten naar boven lopen, ze komen dan bij het blad en kunnen vanuit daar weer langs de steel verder. Alleen is dat gedeelte glad, waardoor ze naar beneden glijden, zo terug in het kuiltje van het blad. Als in dat kuiltje regenwater staat, gaan de insecten dood. Vogels weten dit en komen in deze kuiltjes de insecten pikken. De bloemen van deze plant werden vroeger gebruikt voor de schapenwol.

Mijn bosje bloemen wordt in papier ingepakt en mag nog even in het water blijven staan, terwijl ik lekker op het terras ga zitten met een kopje thee. Het is een fijn plekje om te plukken en te zitten. Ondanks dat het een beetje een regenachtige, bewolkte dag is, zijn er veel mensen aan het plukken. Ik zag veel mooie bossen bloemen voorbij komen. Grote bossen, kleine bosjes, alle kleuren door elkaar of juist een enkele kleur.

Thuis heb ik mijn eigen geplukte bloemen in de vaas gezet. Ze staan prachtig op de eettafel. Er komt inmiddels een beetje roze bij, van de bloemetjes die beginnen te bloeien. Er is een bloem bij die zich heel bijzonder ontwikkelt. Het is een hangende bloem, met een groen zakje lijkt het. Dat zakje is nu open aan het gaan en er zit een bloem onder. Het proces is nog gaande, dus ik ben benieuwd wat daar uit gaat komen. Leuk om te ontdekken.

Fien Fleur is te volgen op instagram (zeker doen!), waar ze ook haar openingstijden op plaatst. Omdat bloemen nu eenmaal bloeien wanneer ze bloeien, zijn er geen vaste openingstijden. Deze week was de pluktuin de hele week geopend van 10 tot 16 uur. Gedurende de tijd zullen er verschillende bloemen bloeien, ik ga zeker nog een keertje terug om een bosje te plukken.

De aantrekkingskracht van spullen

Laatst wilde ik een nieuw horloge kopen. Gewoon omdat ik het horloge had gezien en heel erg mooi vond. Echt iets voor mij. Voor ik het wist zat ik op de website om te kijken hoeveel het kost. Ik bekeek de verschillende kleuren en besloot dat het de zwarte moest worden. Ik zag mezelf al met de perfecte outfit, waarbij het horloge zou opvallen en ik helemaal cool en hip en trendy zou zijn.

Ik heb al twee horloges. Een horloge dat ik al zeker 6 jaar heb en nog steeds mooi vind. Hij is ondertussen een beetje beschadigd en er moeten nieuwe batterijen in, maar verder nog helemaal prima. En mijn sporthorloge. Gekocht als verjaardagscadeautje met dank aan alle gulle bijdragen van familie en vrienden. Ook nog steeds heel blij mee.

Ik heb geen nieuw horloge nodig. Dat besefte ik wel, dus ik besloot om de website af te sluiten en ging verder met wat ik aan het doen was. Maar via allerlei slimme cookies en browserinstellingen wist Instagram dat ik op dat horloge had geklikt. Zij hadden mij deze reclame laten zien en ik was erin getrapt. Ik klikte en kreeg daardoor de komende tijd alleen maar dat horloge te zien. Waardoor ik nog een paar keer klikte en erover dacht om ‘m te kopen. Maar iedere keer besloot ik dat ik geen nieuw horloge nodig had. En eigenlijk ook niet echt wilde. Maar ik vond ‘m wel mooi.

Na wekenlang dat horloge gezien te hebben, ging het mooie er vanaf. Hij werd een beetje gewoon. Omdat ik ‘m al 100x voorbij had zien komen. Na die eerste paar keer, klikte ik niet meer. Dus Instagram laat me ondertussen dat horloge niet meer zien. Wel weer andere dingen, die ik meestal niet wil hebben.

Ik ben minimalist. Een woord wat voor iedereen iets anders kan betekenen. Voor mij betekent het onder andere dat ik bewust omga met mijn spullen. Ik denk na over wat ik heb en over wat ik (denk dat ik) wil hebben. Ik hou van minder spullen. Minder om schoon te houden, minder om te bewaren, minder om te hebben, minder om over na te denken en meer ruimte. Ruimte in mijn huis en in mijn hoofd.

Ondanks dit alles, hebben nieuwe spullen toch nog aantrekkingskracht op mij. Omdat reclames het altijd zo mooi verkopen. Alsof je een ander/beter/gelukkiger mens bent, nadat je het hebt gekocht. Achter die reclames zitten een heleboel slimme koppen die precies weten hoe ze jou het meest kunnen laten kopen. Ze weten precies wat ze moeten doen om jou te beïnvloeden. Korting, laatste kans, must-have, mooie reclames die je raken.

Voor mij begon het ooit met het bijhouden van een lijstje met spullen die ik wilde hebben. Ik moest van mezelf 30 dagen wachten voordat ik het mocht kopen. Ik schreef het item op, met de datum erachter. Als ik het na die maand nog steeds heel graag wilde hebben, dan mocht ik het kopen. Na 30 dagen kon ik alles van mijn lijstje schrappen. Soms wist ik niet eens meer wat ik precies bedoelde met datgene wat ik had opgeschreven.

Het is lastig om al die mooie reclames te weerstaan. Erop klikken, iets in je winkelmandje stoppen en meteen kopen voelt goed. Als directe voldoening, een instant gelukmakertje. Dat gevoel blijft niet. Je blijft niet zo blij met je nieuwe spullen als wanneer je ze kocht. Uitzonderingen daargelaten…

Het 30-dagen-lijstje gebruik ik niet meer. Het feit dat je ze op een lijstje moet zetten, zodat je ze niet vergeet zegt al genoeg. Als je iets écht graag wilt hebben, dan weet je over 30 dagen nog precies wat dat is. Laat het even liggen, denk er wat langer over na. Die aantrekkingskracht wordt vanzelf minder.

Ik ben benieuwd: koop jij in een impuls of koop je gericht wat je nodig hebt?

Dolce far niente

Een Italiaans zinnetje die ik voor het eerst hoorde toen ik ´Eat, pray, love´ keek. Vorige zomer in Italië beleefde ik het zalige nietsdoen.

We hadden een prachtig appartement, middenin Siena. Hoge plafonds, mooie schilderingen, binnenvallend zonlicht en zachte kleuren. Een heerlijke stoel, waarin je jezelf kunt opkrullen, liefst met een goed boek. Op vakantie is het makkelijker om te nietsdoen. Niets doen, zonder je schuldig te voelen, zonder te denken aan die hele to-do-list in je hoofd, zonder dat je iets hoeft.

Thuis probeer ik dat gevoel altijd vast te houden. Niets doen en daar dan ook echt van genieten. Lukt best vaak, maar soms ook niet. Vooral wanneer ik weet dat ik nog dingen moet doen. Maar als we eerlijk zijn: er is altijd iets te doen. Er is altijd nog een onbeantwoorde mail, een onopgeruimd laatje, een stapel was, afwas, een opdracht voor ‘n training, een to-do voor je werk. Zelfs als er niets is, kun je iets gaan verzinnen. De ramen wassen, de koelkast grondig poetsen, je bank verschuiven naar de andere kant van de kamer.

We leven in een maatschappij waarin wordt verwacht dat we altijd productief zijn. Zelfs als we niets doen, moet dat het liefst productief zijn. Leren breien of een boek lezen waar je slimmer van wordt. Niets doen is goed voor je. Je wordt er creatiever van, krijgt nieuwe ideeën en je kunt opladen. Niets doen en je daar schuldig over voelen heeft niet hetzelfde effect, denk ik.

Als uitsteller doe ik wel eens vaker niets en voel me dan schuldig. Of ik ga opeens de koelkast schoonmaken en voel me schuldig dat ik niet iets doe wat ik écht moest doen.

Heel soms loop ik door mijn huisje en weet ik niet wat ik moet doen. Omdat ik dan écht niets meer te doen heb. Dat voelt altijd een beetje gek. Wat eigenlijk gek is. Als je echt niets meer te doen hebt, heb je het goed voor mekaar! Tijd voor een beetje dolce far niente.

Wat doe jij het liefst, als je niets doet?

Mijn lekkerste bakrecept

In mijn familie hebben we ons eigen woord: ‘sjnutseren’. Sjnutseren betekent lekkere dingen eten. Als je sjnutser hebt, heb je zin in iets lekkers. Sjnutser kan van alles zijn. In mijn geval is het vaak zoet, m&m’s, lindt-chocolade, appeltaart met slagroom, ijs of snoep.

De beste sjnutser is die je zelf maakt. Zelfgemaakt smaakt altijd beter. Ik hou van bakken en mijn allerlekkerste bakrecept is meteen die wat het meeste werk is. Ik maak ‘m niet vaak, waardoor het altijd een speciaal momentje is als ik dan een hap kan nemen.

Tartelettes met karamel en chocolade. Hemels! Ik vond dit recept op de site van Rutger Bakt. Als je de foto’s ziet, begrijp je waarom ik deze gewoon moest maken. Een knapperige bodem, smeuïge karamel en een glanzende ganache. Om je vingers bij af te likken.

Vol goede moed begon ik. Het recept bestaat uit drie delen: de tartelette (bodem van deeg), de karamel (smeuïg door het toevoegen van slagroom en glucosestroop) en de ganache (die je glanzend moet krijgen, wat heel moeilijk is). Bij het recept staat dat het ongeveer 2 uur duurt. Ik heb er de hele middag en avond over gedaan. Vooral omdat je heel vaak moet wachten; omdat het deeg moet rusten, omdat de karamel moet afkoelen, omdat de chocolade moet opstijven. In die tijd kun je fijn andere dingen doen, tussendoor je keuken opruimen. Op de een of andere manier is mijn werkblad altijd een beetje ontploft als ik lekker bezig ben.

De tartelettes zijn een fluitje van een cent. Alle ingrediënten in een kom, goed kneden en laten rusten in de koelkast. Vervolgens uitrollen en je tartelettevormpjes bekleden.

De smeuïge karamel vond ik een beetje spannend. Ik had nog niet eerder karamel gemaakt en bij ieder recept wordt je gewaarschuwd om voorzichtig te zijn. De suiker wordt kokend heet en je kunt je makkelijk verbranden als het gaat spatten en bruisen. Met z’n tweetjes durfden we het aan. Ik heb het recept een aantal keer doorgelezen, de stap-voor-stap uitleg gelezen en mijn zweethandjes aan mijn spijkerbroek afgeveegd.

Het recept luistert nauw, op een bepaald moment mag je absoluut niet meer roeren. Je moet goed blijven opletten of je karamel niet te donker wordt. Wanneer je hete room erbij giet, gaat het tekeer! Het sist en bruist. Vervolgens roer je de boter er door heen en heb je een smeuïge karamel. Het duurde eventjes, voor de zekerheid had ik het vuur laag en heb ik ondertussen nog een paar keer het recept gecheckt. Het doorroeren op het einde is een flinke work-out voor je spierballen (en heb ik Ruth laten doen).

De ganache is niet zo moeilijk om te maken, maar wel moeilijk om glanzend te krijgen. Daar moet ik nog even op oefenen. Mijn gebakjes waren een beetje dof, maar niet minder lekker.

Ga jij het recept uitproberen of sjnutser je liever iets anders?

Een minuut regel

De laatste tijd roep ik regelmatig ‘1 minuutje’ naar Ruth. Omdat roepen naar iemand anders makkelijker is dan het zelf doen. We hebben een beetje de 1 minuut regel van Gretchen Rubin ingevoerd. Een beetje, omdat ik het idee alleen maar geopperd heb. Het is (nog) niet zo dat we ons er ook aan houden.

Gretchen Rubin is de schrijfster van ‘The Happyness Project’, over het jaar waarin zij zich volledig richt op het krijgen van geluk. Als mensen haar vragen naar tips om gelukkiger te worden, begint ze altijd over de one-minute rule. Het is makkelijk toe te passen en heeft groot resultaat.

De 1 minuut regel houdt in dat je iets dat in minder dan 60 seconden uit te voeren is, meteen doet. Al die kleine taakjes die je doet, hopen niet op tot een grote onoverzichtelijke rommelboel. Je bord opruimen nadat je hebt geluncht. Je jas ophangen zodra je thuiskomt. Je telefoonoplader niet in het stopcontact laten hangen. Een berichtje beantwoorden, een mailtje typen.

Volgens Gretchen word je er gelukkiger van. Je stelt niet uit en het worden geen zeurende taken, die uiteindelijk veel meer tijd kosten en waar je meer en meer tegenop ziet.

Toch maar mee aan de slag, omdat ik denk die al die minuutjes een hoop verschil gaan maken. Ga ik de komende tijd ‘1 minuutje’ naar mezelf roepen.

Wanneer zou jij de een minuut regel kunnen toepassen?